                                                            1


                          REKENEN

Concept: Hans Le Roy (Katholieke Hogeschool Brussel).
Programmering: Hans Le Roy en Dirk Van der Aa.

1. Doelstellingen van het programma
Het programma  REKENEN richt  zich in  de eerste plaats tot
aankomende   onderwijzers,    en   heeft    tot   doel   de
(hoofd)rekenvaardigheid m.b.t.  de vier basisbewerkingen te
trainen, en waar nodig systematisch bij te werken.

Het kan  echter ook  gebruikt worden  voor de  training van
(hoofd)rekenvaardigheid  van   leerlingen  uit   het  lager
onderwijs.

Het programma  biedt oefengelegenheid  voor het  regelmatig
thuis inoefenen.

2. Structuur van het programma
2.1. Macrostructuur
Het programma  bestaat uit drie delen: n voor optellen en
aftrekken, n  voor vermenigvuldigen  en delen en n voor
breuken.
Elk  van   de  twee   delen  bevat  modules  met  stijgende
moeilijkheidsgraad, waarbinnen  de gebruiker kan kiezen. De
gebruiker herkent  de moeilijkheidsgraad  aan de  plaats op
het scherm, omdat de oefeningen binnen de modules complexer
worden  naarmate   de  aanduidingen  naar  links  gaan,  en
naarmate ze naar beneden gaan. De eenvoudigste module staat
dus in  de linkerbovenhoek,  en de horizontaal en vertikaal
aangrenzende modules zijn n stap moeilijker.

Door  deze  progressieve  opbouw  worden  zowel  makkelijke
oefeningen als  zeer moeilijke vragen gegenereerd, waardoor
het programma  een breed  spectrum  bestrijkt.  De  laatste
modules   (E,    J   en   O)   zijn   immers   geen   echte
hoofdrekenoefeningen meer.

De gebruiker kan bij de opening van het programma aanduiden
of  hij  de  juiste  antwoorden  wil  op  het  scherm  zien
verschijnen als  hij ze  niet gevonden  heeft. De gebruiker
kan ook  per module  bepalen hoeveel vragen hij precies wil
oplossen.

Na elke  module geeft de computer het behaalde resultaat in
percent. Dit  resultaat wordt  niet  opgeslagen  of  verder
verwerkt, omdat  het hier  gaat over  een  oefeninstrument,
geen hulpmiddel bij evaluatie.


                                                                    2


2.2. De opeenvolgende schermen
2.2.0. Openingsscherm
Welkom bij het programma REKENEN 1.0.
Wil je de juiste oplossing krijgen als je ze niet vindt (j/n)?

2.2.1. Optellen en aftrekken
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
|
     |
|                                 R     E      K     E      N     E      N
     |
|
     |
|         [+] O  P T  E L  L E  N      E  N      A  F  T  R  E  K  K  E  N
     |
|
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|
     |
|        sommen 1                                  sommen 2   aftrekkingen
     |
|
     |
|         [A] met  eenheden                                 [F]        [K]
     |
|
     |
|         [B] met  ronde getallen                           [G]        [L]
     |
|
     |
|         [C] met  kommagetallen                            [H]        [M]
     |
|
     |
|         [D] met  tien-, honderd-  of duizendtallen        [I]        [N]
     |
|
     |
|         [E] getallen  van twee  cijfers                   [J]        [O]
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|                                [*]     VERMENIGVULDIGEN     EN     DELEN
     |
|                                                      [/]         BREUKEN
     |
|                                       [Q]       Programma       verlaten
     |
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
Wat is je keuze?


                                                                    3


2.2.2. Vermenigvuldigen en delen
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
|
     |
|                                 R     E      K     E      N     E      N
     |
|
     |
|         [*] V  E R  M E  N I  G V  U L  D I  G E  N    E  N   D E  L E N
     |
|
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|
     |
|         vermenigvuldigen 1                 vermenigvuldigen 2   delingen
     |
|
     |
|         [A] met  eenheden (de  tafels)                    [F]        [K]
     |
|
     |
|         [B] met  ronde getallen                           [G]        [L]
     |
|
     |
|         [C] met  kommagetallen                            [H]        [M]
     |
|
     |
|         [D] met  tien-, honderd-  of duizendtallen        [I]        [N]
     |
|
     |
|         [E] getallen  van twee  cijfers                   [J]        [O]
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|                                 [+]      OPTELLEN      EN      AFTREKKEN
     |
|                                                      [/]         BREUKEN
     |
|                                       [Q]       Programma       verlaten
     |
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+

2.2.3. Breuken
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
|
     |
|                                 R     E      K     E      N     E      N
     |

                                                                    4


|
     |
|                            [/]     B     R     E     U     K     E     N
     |
|
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|
     |
|        teller en noemer tot 10                   teller en noemer tot 20
     |
|
     |
|         [A] vereenvoudigingen                                        [F]
     |
|
     |
|         [B] verhoudingen                                             [G]
     |
|
     |
|         [C] optellingen                                              [H]
     |
|
     |
|         [D] aftrekkingen                                             [I]
     |
|
     |
|         [E] vermenigvuldigingen                                      [J]
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|                                 [+]      OPTELLEN      EN      AFTREKKEN
     |
|                                [*]     VERMENIGVULDIGEN     EN     DELEN
     |
|                                       [Q]       Programma       verlaten
     |
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+


                                                                    5


2.3. Modellen van de voorgestelde oefeningen
2.3.1. Optellen en aftrekken
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
|         [+] O  P T  E L  L E  N      E  N      A  F  T  R  E  K  K  E  N
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|
     |
|        sommen 1                                  sommen 2   aftrekkingen
     |
|
     |
|         [A]                                               [F]        [K]
     |
|        xxx + x = ?                             ? + x = xxx   xxx - x = ?
     |
|         [B]                                               [G]        [L]
     |
|        x000 + x = ?                            x00 + ? = x0x x0x - x = ?
     |
|         [C]                                               [H]        [M]
     |
|      x,x + 0,00x = ?                         x,x + ? = x,x x,0x - 0,0x =
     ?  |
|         [D]                                               [I]        [N]
     |
|       xxx + x00 = ?                           xxx + ? = xxx xxx - x0 = ?
     |
|         [E]                                               [J]        [O]
     |
|       xx + xx = ?                             xx + ? = xxx  xxx - xx = ?
     |
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+

2.3.2. Vermenigvuldigen en delen
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+
|         [*] V  E R  M E  N I  G V  U L  D I  G E  N    E  N   D E  L E N
     |
|-------------------------------------------------------------------------
     ----|
|
     |
|         vermenigvuldigen 1                 vermenigvuldigen 2   delingen
     |
|
     |
|         [A]                                               [F]        [K]
     |
|         xx * x = ?                              ? * x = xx    xx : x = ?
     |
|         [B]                                               [G]        [L]
     |
|        x000 * x = ?                            x00 * ? = xx0 xx0 : x = ?
     |

                                                                    6


|         [C]                                               [H]        [M]
     |
|        x * 0,00x = ?                           x * ? = x,x   x,x : x = ?
     |
|         [D]                                               [I]        [N]
     |
|      x0 * x00 = ?                            x0 + ? = x00   x00 : x0 = ?
     |
|         [E]                                               [J]        [O]
     |
|       xx * xx = ?                             xx + ? = xxxx  xxxx : xx =
     ?   |
+-------------------------------------------------------------------------
     ----+


                                                            7


3. Technische gegevens
3.1. Opstarten van het programma
Het programma  wordt opgestart  met het  commando 'REKENEN'
vanuit  de   directory  waar   de  programmabestanden  zich
bevinden.

3.2. Installatie
REKENEN  is  een  eenvoudig  programma  dat  geen  speciale
hardware-vereisten stelt.  Het draait op elke PC met MS-DOS
3.1 of hoger.

Het  kan  genstalleerd  worden  op  de  harde  schijf  met
INSTAL.BAT, waardoor  het  in  de  subdirectory  C:\REKENEN
geplaatst wordt.

4. Scenario voor gebruik
Na een  korte informatiesessie  over de  doelstellingen, de
structuur  en  de  functionering  van  het  pakket  en  een
oefenmoment, wordt  het op  twee manieren  ter  beschikking
gesteld van de studenten:
  -  op diskette,  voor diegenen die zelf over een computer
     beschikken,  en  graag  zelf  een  exemplaar  van  het
     programma hebben;
  -  op een  PC die toegankelijk is voor studenten en onder
     permanente  bewaking   staat   (bijvoorbeeld   in   de
     mediatheek).


                    Hans Le Roy
                    Guardini-Instituut voor P.H.O. Brussel
                    Sint-Thomas   Pedagogische   Hogeschool
     Brussel


                         REKENEN                       (synthese)

Het programma  REKENEN richt zich in de eerste plaats tot
aankomende   onderwijzers,   en   heeft   tot   doel   de
(hoofd)rekenvaardigheid m.b.t.  de vier  basisbewerkingen
te trainen, en waar nodig systematisch bij te werken. Het
kan echter  ook gebruikt  worden  voor  de  training  van
(hoofd)rekenvaardigheid  van  leerlingen  uit  het  lager
onderwijs.

Het programma  biedt oefengelegenheid voor het regelmatig
thuis inoefenen.

Het programma  bestaat uit  drie delen: n voor optellen
en aftrekken,  n voor  vermenigvuldigen en delen en n
voor breuken.  Elk van  de twee  delen bevat  modules met
stijgende moeilijkheidsgraad, waarbinnen de gebruiker kan
kiezen. De gebruiker herkent de moeilijkheidsgraad aan de
plaats op  het scherm,  omdat  de  oefeningen  binnen  de
modules complexer  worden naarmate  de aanduidingen  naar
links  gaan,   en  naarmate  ze  naar  beneden  gaan.  De
eenvoudigste module  staat dus  in de linkerbovenhoek, en
de horizontaal en vertikaal aangrenzende modules zijn n
stap moeilijker.

Na elke  module geeft  de computer het behaalde resultaat
in percent. Dit resultaat wordt niet opgeslagen of verder
verwerkt, omdat  het hier  gaat over een oefeninstrument,
geen hulpmiddel bij evaluatie.

REKENEN is  een eenvoudig  programma  dat  geen  speciale
hardware-vereisten stelt.  Het draait  op elke PC met MS-
DOS 3.1  of hoger.  Het programma wordt opgestart met het
commando  'REKENEN'   vanuit   de   directory   waar   de
programmabestanden zich bevinden.

